Een vaatje waar muziek in zit
Jeugdtheater 4Hoog overtreft met Bol de wereld (6+) het succes van 'Specht'

Ze wil haar kleren niet aandoen, géén boterham met choco eten en voor altijd op haar kamer blijven. Het meisje dat de hoofdrol speelt in Bol de wereld van het bescheiden Gentse productiehuis 4Hoog, is het zat. En meer dan dat. “Ik stop met ademen.” Gelukkig geven haar twee speeltjes, Ridder en Robot, nog net genoeg tegenwind. Wat is er loos? Haar ouders blijken pas uiteen gegaan en daar heeft ze het moeilijk mee. Spelen helpt: spelletjes, muziek, toneel. Zo wordt Bol de wereld een schitterende ode aan de louterende verbeelding.

De voorstelling paste dit weekend als een klontje in de heropende zaal van Bij de Vieze Gasten in Gent. Een nieuwe tribune, een hoger dak en een ruimere foyer: de ideale maten voor het grootse kleinood dat Bol de wereld geworden is. Er was nog een reden. ‘Vieze Gast’ Marc Jeanty schreef de tekst, net als voor de aardige 4Hoogproductie Specht van 2003. Toen zocht een specht op zijn vlucht door de wereld een veilig onderdak - noem het asiel - in het vogelbos. Deze keer legt dezelfde ploeg onder leiding van regisseur Raf Walschaerts de omgekeerde weg af. Van de slaapkamer gaat het naar de hele wereld.

Het geplaagde meisje (Katrien De Muynck) draait aan haar verlichte globe, om voor Robot (Helder Deploige) en Ridder (Han Coucke) aan te stippen hoe het er bij haar thuis aan toegaat. “Als je goed kijkt, zie je mama vragen: ‘Is het weer mijn schuld, ja?’ En dan papa: ‘Roep niet zo!’” Ridder en Robot moeten de ruziescène naspelen, wat er meteen weer de lach in brengt. Zulke geniale overgangen maken de hele voorstelling. Papa’s nieuwe vlam Nieflief wordt het voorwerp van een rillerige drakentocht. Omgekeerd ontaardt een gefantaseerde romantische verzoeningsscène tussen beide ouders weer in schelden: “Nee, ik heb jou méér gemist!”

Gescheiden kinderen op kamers zijn in het jeugdtheater natuurlijk oude wijn, maar 4Hoog tapt uit een vaatje waar muziek in zit. Met opgewekte live riedeltjes tussen de tekst, maar op het eind ook met een gitaarballade waar je een krop van in de keel krijgt. De Kommil Foo-kunde van Walschaerts zit hier duidelijk achter, maar het zijn vooral Deploige en co. die de boel op de vloer gesmeerd houden. Hun vrijgevige pokerfaces zijn géén contradictie, maar een wapen. En toch doet hun voorstelling juist ontzettend ontwapenend aan. Zo heeft de hit Zolderling (Bronks en Antigone) er na drie jaar plots een klein broertje bij. Bol de wereld wordt, met nog wat boterhammen, dé jeugdproductie van dit najaar.
Wouter Hillaert, De Morgen